De VVNH steunt ook dit jaar weer de leerstoel Hout aan de Technische Universiteit Delft. De leerstoel
maakt het onderzoek naar houtinnovaties van dr. ir. Jan-Willem van de Kuilen mogelijk. Hij is universitair
hoofddocent aan de vakgroep Civiele techniek te Delft. Wij stelden hem enkele vragen.
Welk gedeelte van uw werk wordt door de VVNH ondersteund?
Ongeveer 50% van mijn werkzaamheden wordt door de VVNH ondersteund. Dit betreft het gehele aandachtsveld van
houteigenschappen, houttechnologisch en houtconstructies, waarbij het zwaartepunt op het construeren met
hout ligt. Belangrijke onderwerpen zijn houtsorteren, ontwerpen van vloeren, daken en gebouwen, alle
constructies van gelamineerd hout en de volledige GWW sector.
Hoeveel studenten begeleidt u persoonlijk en waarover gaat hun onderzoek?
Dat varieert nogal, maar gemiddeld ongeveer drie in het Bachelor eindwerk (derde jaar) en twee tot vier in
het Master eindwerk. De competitie met onderzoek naar andere materialen is groot. Naast de studenten heb ik
ruimte voor een promovendus (dus als iemand is die dit leest...!). Hun onderzoek is vrij divers. Het kan
heel specifiek om een bijvoorbeeld houtverbindingen gaan (berekening, eigenschappen qua sterkte en
stijfheid), maar ook om sterktesortering, tot aan het ontwerpen en constructief gedrag van gebouwen. Vijf
jaar geleden zat er al een afstudeerder bij Rijkswaterstaat om een houten brug voor autosnelwegen te
ontwerpen. We hebben een student gehad die een gebouw in hout heeft ontworpen van 12 verdiepingen. Verder is
op dit moment een student aan de slag met het trillingsgedrag van houten tuibruggen met een vrije
overspanning van 75 tot 100 meter. We hebben ook al gerekend aan houten koepels met een vrije overkapping
van 350 meter. Wat je ermee moet? De toekomst zal het leren, maar ik denk dat er mensen zijn die ook in de
winter wel eens een balletje willen slaan of in een achtbaan willen zitten. We ski